niet-tjilpen

Schrijvers zouden niet moeten twitteren.

Ik doe er niet aan: tjilpen. In de volksmond ook wel tweeten of twitteren genoemd; het plaatsen van berichten op Twitter (‘twitter’ betekent in het Engels ondermeer: ‘the light chirping sound made by certain birds’). Het kost (teveel) tijd, het leidt (teveel) af en het levert (te) weinig op. Ondanks het feit dat ik me er enkele maanden met oprechte aandacht en ware devotie op toegelegd heb, me verbaasde over het aantal volgers dat stelselmatig toe bleef nemen en er steeds meer interactie en onderline communicatie met andere Twitteraars ontstond, heb ik aan al mijn twitterbloed, -zweet en -tranen eigenlijk niet één belangwekkend contact overgehouden.

Volg je de “juiste” mensen en kanalen, dan kan Twitter een uitermate interessante manier zijn om op de hoogte te blijven van alles dat je ook maar kan interessen. Voor de rest werd ik mij steeds meer gewaar van een lege, bijna zielloze invuloefening en kon ik me, na bijna een half jaar aan tweets, volledig in de woorden van Dustin Curtis vinden:

“Twitter takes complex ideas and destroys them by forcing my brain to compact them into little 140-character aphorisms, truisms, or jokes. For every great tweet, there could have been four insightful paragraphs, but there aren’t, and never will be, because Twitter removes my desire to write by killing my ideas.”

Lees het hele blogartikel van Dustin Curtis:
http://dcurt.is/what-i-would-have-written

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *